Inleiding
In de inleiding staat de vraag centraal: Waar gaat het stuk over en waarom zou de lezer verder moeten lezen? Je introduceert je onderzoek aan de hand van de volgende structuur: aanleiding, overgang van de aanleiding naar de introductie van jouw specifieke onderwerp, doel- en vraagstelling en de maatschappelijke en wetenschappelijke relevantie. Afhankelijk hoe de tekst loopt, kun je de relevanties en de onderzoeksvraag omwisselen.
Aanleiding – Met het schrijven van de aanleiding wek je de interesse van de lezer. Je laat zien hoe je van een bredere maatschappelijke en/of wetenschappelijke context jouw onderwerp hebt afgebakend. Dit kan bijvoorbeeld een actualiteit, een recente gebeurtenis, een nieuw onderzoeksrapport of een bepaalde ontwikkeling zijn.
Aanleiding uit de wetenschap
Je stelt vast dat er talloze onderzoeken zijn gedaan naar de functies van stadslandbouw in Noord-Amerikaanse steden en vraagt je af in hoeverre die bevindingen van toepassing zijn in de Nederlandse context.
Aanleiding uit de praktijk
Je leest in de krant dat er steeds meer weerstand komt tegen het inrichten van parkeer- en oplaadplekken voor elektrische auto’s. Je besluit daarop te onderzoeken welke actoren en belangen een rol spelen bij de locatiekeuze van deze parkeerplekken.
Overgang van de aanleiding naar de introductie van jouw specifieke onderwerp – Maak de aanleiding en vervolgens de introductie van jouw onderwerp concreet en toegespitst. Begin niet met een brede (en daarmee lange) rondgang langs allerlei deelonderwerpen van je onderzoek. Bedenk dat je concurreert om de aandacht en tijd van de lezer, kom dus snel tot de kern. Als je met de actualiteit begint, maak dan van daaruit snel een brug naar jouw specifieke onderwerp en de context van dat onderwerp.
Doel en vraagstelling – Wat is het doel van het onderzoek? Wat wil je er mee bereiken? En welke hoofd- en deelvragen stel je om tot dat doel te komen? Zowel de doel – als vraagstelling is onderbouwd met behulp van (wetenschappelijke) bronnen.
Maatschappelijke en wetenschappelijke relevanties – Wat is de meerwaarde van jouw onderzoek in de context van maatschappelijke en wetenschappelijke ontwikkelingen? Wat is het bredere debat waar je aan gaat bijdragen? De argumentatie van zowel de maatschappelijke als wetenschappelijke relevantie is onderbouwd met relevante bronnen.
Maatschappelijke relevantie is het nut van onderzoek voor groepen in de samenleving. Welke kennis en inzichten levert je onderzoek op? Voor wie? En wie heeft daar wat aan? Binnen de sociale geografie en planologie staat een praktijkprobleem vaak aan de basis van onderzoek. Denk aan: fileproblematiek, concentraties van kansarmen in een stad of de zoektocht naar een geschikte locatie voor een windmolenpark. Gebruik verschillende argumenten en zet ze kracht bij door relevante bronnen te gebruiken. Je kunt denken aan overheidsrapporten, rapporten van internationale organisaties zoals VN, Wereldbank of IMF, maar ook aan cijfers uit een rapport van het Cultureel Planbureau of het CBS.
Bij de wetenschappelijke relevantie van onderzoek gaat het om de bijdrage van jouw onderzoek aan het geheel van wetenschappelijke kennis – het bredere wetenschappelijke debat over jouw gekozen onderwerp. Met behulp van relevante literatuur geef je eerst aan welke kennis er al is over jouw onderzoeksthema. Vervolgens duid je aan welke vragen er nog openliggen en wat we nog niet weten. Dat lukt dus alleen als je inzicht hebt in wat er al wel bekend is. Vooronderzoek en een systematische aanpak zijn hier essentieel. De literature review helpt hierbij. Zonder je in te lezen kun je geen centrale vraag opstellen en ook niet bepalen wat de toegevoegde waarde is van jouw onderzoek. Het schrijven van een wetenschappelijke relevantie is enerzijds een verantwoording naar de buitenwereld. Anderzijds is het voor jezelf een check of je werkt aan een vraag die niet al met bestaande literatuur te beantwoorden is.
Onderzoek is altijd wel ingebed in een breder wetenschappelijk en maatschappelijk debat, vandaar dat beide relevanties worden uitgewerkt in de inleiding. Tegelijkertijd kan het zijn dat voor een specifiek gekozen onderwerp de nadruk sterk op één van beide ligt. De maatschappelijke relevantie komt bovendien vaak al voor in de aanleiding.
Maak na het bespreken van de relevanties nog een duidelijke koppeling met de doel- en vraagstelling. Houd het kort en concreet – de onderbouwende argumenten heb je immer in het eerdere deel van de inleiding genoemd. Je kunt bijvoorbeeld denken aan een opsomming van een drietal punten – bijvoorbeeld met gebruik van ‘ten eerste’, ‘ten tweede’ – waarin je nog concreet laat zien wat de meerwaarde van jouw onderzoek is in het bredere debat. Hiermee kun je de lezer nogmaals goed overtuigen om verder te lezen.
Relevantie zit niet altijd alleen in de onderwerpkeuze; originaliteit, een verfrissende invalshoek of een verrassende vraagstelling. Daarnaast zit de relevantie ook niet alleen in nieuwe of actuele onderwerpen; een synthese en kritische analyse van secondair materiaal kan net zo waardevol zijn. Relevantie is ook je eigen onderzoek in lijn zetten met eerder onderzoek, laten zien hoe die inzichten jouw inspireren en wat je daaraan wilt toevoegen. Aanbevelingen voor vervolgonderzoek in de discussie/conclusie van andere wetenschappelijke artikelen kunnen dus bijvoorbeeld dienen als startpunt voor jouw onderzoek.